maandag 21 mei 2012

Nahidi en haar ziel

Dagenlang, maandenlang zelfs, leefde ze op de automatische piloot. Ze dacht niet meer met haar hoofd en ook niet meer met haar hart. Ze huilde veel, zonder ook maar enige aanleiding. Dacht ze. Ze deed maar, zonder echt na te denken. Ze voelde niks, maar tegelijkertijd alles. Er hing wat in de lucht, ze probeerde het te vangen maar het lukte niet. Ze wilde begrijpen wat er ging gebeuren maar woorden konden het haar niet uitleggen. Haar ziel was bezig deuren naar het verleden te openen, deuren waarvan ze wilde dat ze dichtbleven, omdat ze vond dat ze er klaar mee was. Klaar was ze er ook mee. Niet alleen zij, maar ook haar ziel. Die zette de deuren tegen elkaar open om te luchten. Om oude herinneringen er uit te laten vliegen, om plaats te maken voor nieuwe. Haar ziel had besloten dat het lang genoeg geduurd had en besloot er vaart achter te zetten. En dat ging zo misselijkmakend snel, dat ze er zelfs dingen uit het heden voor los moest laten. De deuren gingen verder los, het luchtte sneller door. Haar ziel werkte de laatste gebeurtenissen de deuren uit, trapte nog enkele deuren in, terwijl zij zelf huilde, en het liet gebeuren. Haar ziel maakte zich klaar, zette zich schrap, want haar ziel wist al dagenlang wat haar te gebeuren stond. Het kostte haar ziel ontzettend veel moeite, want Nahidi - zo heet ze immers - probeerde de deuren weer dicht te duwen, omdat ze zo moe werd van het harde werk waar haar ziel mee bezig was. Haar ziel maakte plaats voor een nieuwe ontmoeting.

zondag 8 april 2012

Schrijven

In mijn hoofd wonen is fijn. Het maakt mooie verhalen, vormt vormen tot beelden. Het lijkt vloeiend, maar hortend en stotend wordt het toch weer één verhaal. Mijn hoofd wil veel vertellen, maar mijn mond te weinig. Terwijl mijn mond juist te veel praat. Mensen lijken het aangenaam te vinden, maar ik niet. Ik wil niet zoveel onzin praten, maar juist rakende woorden uitspugen. Mijn hoofd en mond hebben altijd ruzie. Mijn hoofd zegt de waarheid, mijn mond zegt het met sierlijke letters. Ook al zijn het hanepoten. Als ik het schrijf dan komen de woorden rechtstreeks uit mijn hart. En dus hoofd. Want die formuleert ze tot complete verhalen.

En daarom schrijf ik het nu in plaats van dat ik het hardop zeg.

vrijdag 6 april 2012

Verbondenheid

Een vrouw met afasie.

Ze is dementerend, kan niet echt communiceren. Legt zelden écht contact. Ik gaf haar koffie, en bleef nog even bij haar zitten nadat het op was. Ik luisterde naar de woordenstroom, wat voor het oor van ons een letterwaterval is. Ik had mijn hand op het 'dienblad' van haar rolstoel, mijn vingers gespreid. Toen kwam er langzaam een kleine, oude, rimpelige hand omhoog. Ze spreidde ook haar vingers en verstrengelde ze in de mijne. Ze keek me aan. Haar blik. We hadden écht contact. Een jonge hand, verstrengeld met een oude, getekend door het leven. Ik heb zelden zo'n intens contact gehad met iemand als met deze vrouw. We waren echt verbonden. Jong en oud, maar beiden met een verleden.

Samen waren we heel even leeftijdsloos.

vrijdag 27 januari 2012

Een wit doek

Voor veel mensen een normaal,
wit, onbeschilderd doek.
Voor mij een schreeuwerig,
kleurrijk, volgeklad doek.

Ik zie mensen,
vechten voor geloof,
hoop en liefde.
Mensen, die staren naar de leegte.

Mensen die dromen hebben,
maar ze niet waarmaken.
Want ze vinden zichzelf onbelangrijk.
Mensen die hun leven leiden, in plaats van leven.

Mensen die niet met elkaar,
maar tegen elkaar praten.
Ik deed het zelf ook,
Tot ik ontdekte dat het me geen voldaan gevoel gaf.

Ik zie mezelf,
zoeken naar geloof,
hoop en liefde.
Onderweg val ik, vaak.
Maar dat weerhoudt me er niet van,
gewoon weer op te staan.

Voor mij is dat leven.
Mijn geluk zit niet alleen in de pieken,
maar ook in de dalen.
Kijk nog maar eens goed,

naar dat witte doek.

Droom

Het gras is nat,
Het is vroeg,
Gister lagen we hier,
De sporen van liefde zijn nog te zien.

Ik zou graag weer voelen
Hoe het is om door je gekust te worden.
Ook al was het nog maar gisteren
Dat het gebeurde.

Waarom zijn de dagen voor vandaag
Altijd beter als vandaag?
We houden van herinneringen,
Want we maken ze mooier dan ze zijn.

Alleen dat hoeft bij deze niet.
Want deze herinnering is er geen.
En is er nooit geweest.
Het is een droom.

Niets meer dan een droom.
Een droom waarvoor ik mijn ogen sluit,
En wegvlucht voor de werkelijkheid.
Een droom, de droom.